DE VEILIGHEIDSREGELS OP DE PISTES

Hoewel het puur amusement is, zijn er toch enkele veiligheidsregels die je moet naleven om ten volle te kunnen genieten op de pistes. Ontdek ze hier!

number_1

KLEUREN

Alle skistations zijn verplicht om de moeilijkheidsgraad van de pistes in het skigebied via kleurcodes aan te geven, zodat elke skiër of snowboarder een piste op zijn niveau kan nemen.

DE GROENE PISTE

Deze is gemakkelijk en dus perfect voor beginners.

DE BLAUWE PISTE

Deze is van gemiddelde moeilijkheidsgraad en is ook toegankelijk voor beginners.

DE RODE PISTE

Deze is voorbehouden voor gevorderden.

DE ZWARTE PISTE

Deze is erg moeilijk en wordt door erg goede en ervaren skiërs genomen.

OP DE PISTES KUNNEN 3 SOORTEN VLAGGEN WORDEN GEPLAATST, DIE HET RISICO OP LAWINES AANGEVEN:
GELE VLAG

Beperkt lawinegevaar (schaal 1 en 2).
***
De sneeuwlaag is stabiel op de meeste hellingen.
***
Op enkele steilere hellingen is de sneeuwlaag gemiddeld stabiel.

GEEL/ZWARTE VLAG

Aanzienlijk lawinegevaar (schaal 3 en 4).
***
De sneeuwlaag is gemiddeld tot weinig stabiel op vele hellingen.

ZWARTE VLAG

Erg hoog lawinegevaar (schaal 5).
***

De sneeuwlaag is allesbehalve stabiel, op alle hellingen

number_2

10 GOUDEN REGELS

DEZE REGELS WERDEN OPGESTELD DOOR DE INTERNATIONALE SKIFEDERATIE FIS. ZE MOETEN ERVOOR ZORGEN DAT IEDEREEN VEILIG VAN DE PISTES KAN GENIETEN, MET RESPECT VOOR DE ANDERE SKIËRS EN SNOWBOARDERS.

1 - Respecteer de anderen. Gedraag je op een verantwoordelijke manier waarbij je anderen niet in gevaar brengt.

2. Hou je snelheid onder controle en pas deze aan volgens je capaciteiten. Hou daarbij ook rekening met de staat van de sneeuw en de weersvoorspellingen (Vertraag bijvoorbeeld als je een zone voor beginners doorsteekt, bij de wachtrij aan de liften of onderaan de pistes).

3 - Kies je traject vooraf.  Kies een traject waarbij je de veiligheid van de skiër onder je niet in het gedrang brengt en botsingen vermijdt (je voorliggers zien je namelijk niet noodzakelijk aankomen).

4 - Hou voldoende afstand bij het inhalen, zodat je ook de skiër die je inhaalt voldoende ruimte laat.

5 - Start, voeg in en kruis zonder gevaar. Kijk voor je begint, terug invoegt of kruist op een piste of oefenterrein, eerst goed boven en onder je om anderen niet in gevaar te brengen.

6 - Denk vooraf na waar je gaat stoppen,  zonder de piste te belemmeren. Stop niet op smalle plaatsen of achter hellingen en blijf zichtbaar voor de skiërs achter je.

7 - Gebruik ook de kant van de piste.  Als je de piste terug omhoog wil op je ski's of te voet, zorg er dan voor dat je de zijkant van de piste neemt.

8 - Informeer naar het weer en respecteer de aanwijzingen.  Het is belangrijk dat je de signalisatie respecteert (waarschuwingstekens voor gevaar, gesloten pistes, lawinerisico).

9 - Waarschuw de anderen bij een ongeval  en verleen hulp aan de persoon in gevaar.

10. Identificeer jezelf als getuige bij een ongeval, of je nu rechtstreeks betrokken bent of enkel getuige bent.

Deze tien basisregels zijn gemakkelijk te onthouden en te respecteren en verzekeren dat je onbezorgd de pistes afdaalt, zonder de anderen in gevaar te brengen. Voor een vlekkeloze wintersportvakantie!

number_2

HOE JE GEDRAGEN OP DE SKILIFTEN?

Gedraag je altijd zoals het hoort aan en op de lift. Heb geduld als je even moet aanschuiven, zodat je anderen niet op de zenuwen werkt, en neem de lift altijd op een veilige manier.

Hier vind je enkele basisregels:

OP DE SLEEPLIFTEN

Slalom niet in het omhooggaan, zo kan de kabel immers loskomen.
***

Maak het spoor zo vlug mogelijk vrij als je bent aangekomen, om te voorkomen dat je de stang van de volgende tegen je krijgt.
***

Hang je skistokken niet vast aan je polsen, om te vermijden dat je boven blijft vasthaken.

OP DE STOELTJESLIFTEN

Zorg dat je klaar staat, zodat je niet verrast wordt en uit evenwicht geraakt als het stoeltje er is
***

Geraak je niet goed op je stoeltje, spring er dan onmiddellijk weer af.
***

Help kinderen bij het op- en afstappen.
***

Blijf rustig achteraan op je stoeltje zitten en doe de veiligheidsbeugel pas omhoog als je helemaal boven bent.
***

Draai je rugzak op de buik, houd één stok in de hand en houd de andere klaar voor het afglijden.

IN DE GONDELLIFT

Doe de gondel niet schommelen.
***

Valt de gondel stil, wacht dan rustig op de instructies van het personeel.

number_3

TIP VAN WED'ZE

Ga je buiten de piste skiën, neem dan een lawinepieper, een sneeuwschop, een telescopische sonde, een kaart en een kompas mee. Vergeet ook je mobiele telefoon en reddingsdeken niet

Nu je de basisregels kent, kun je je in alle veiligheid gaan uitleven in de sneeuw!

NAAR BOVEN