HOE MAAK IK MIJN KIND WATERPROOF?

Binnen enkele maanden is de zomer weer daar. Als je dochtertje of zoontje nog onzeker of bang is in het water, is het nu het moment om samen te wennen en te oefenen. Zo kunnen jullie straks volop genieten van waterpret aan zee of in een openluchtzwembad.

Er bestaat geen standaardformule om kinderen in te wijden in zorgeloos genieten van water. Integendeel, elk kind is anders. De oefeningen en het oefenmateriaal moeten afgestemd worden op het kind. Niet omgekeerd.

EERST EN VOORAL

Watergewenning kan als baby. Echt leren zwemmen is pas voor wat later. De motorische en emotionele ontwikkeling van je kind respecteren is een must. Overhaasten en pushen werkt averechts. De nodige coördinatie om echt te zwemmen is er pas rond de leeftijd van zes jaar.

Voor je kind een zwemmer wordt, mag het eerst rustig het water ontdekken, zelfredzaam worden en experimenteren. Om de juiste reflexen aan te leren, geef je zelf het goede voorbeeld. Een kind dat iets nieuws aanleert, kijkt op naar zijn leraar. Jij dus, in dit geval. Als jij een en al waterpret uitstraalt, is dat voor jouw kind alvast een geruststellende en aangename start.

Om je dochtertje of zoontje met succes te begeleiden, brachten wij drie ontwikkelingsstappen in kaart:

number_1

STAP 1: WENNEN AAN HET WATER

Dit is het stadium waarin alles nieuw is. Je kind is buiten het bad of de douche nog niet in aanraking geweest met water. Samen met jou kan je kind veilig op verkenning. Voor de allerkleinsten - tussen zes maanden en drie jaar – is een zwemring met zitje of een drijfplatform een extra geruststellende steun.

De eerste contacten met zwemwater zijn belangrijke momenten. Blijf dus dicht bij je kind, in het water, en ga voor een ontspannen aanpak. Speels genieten is de boodschap. Als je dochtertje of zoontje niet meteen een waterrat blijkt te zijn, zeker niet forceren om kopje onder te gaan.

Eens je kind stevig op zijn twee benen staat en goed kan stappen, kan het waterplezier uitgebreid worden. Zwembandjes rond de bovenarmen bieden dan de juiste hulp om verticaal te blijven drijven met het hoofd boven water. In deze fase kan je je kind leren om in en uit te ademen zonder overweldigd te raken. De
spelletjes hiernaast helpen om je dochtertje of zoontje hiermee vertrouwd te maken. Een grote stap in het leerproces.

Baby aan het zwemmen
number_2

STAP 2: KENNISMAKEN MET HET ZWEMMEN

Gelukt! Je kind is op zijn gemak in het water. Het weet hoe het rustig kan blijven ademen en durft misschien al zijn gezichtje onderdompelen. Nu is het tijd om te leren zwemmen. Geen paniek, de basis is al gelegd. Een zwemvestje helpt om de nodige moed te verzamelen. Met zo’n vestje kan je kind horizontaal drijven en heeft het zijn armen vrij voor de eerste zwembewegingen.

Kinderen die al snel voldoende vertrouwen hebben, kunnen wat zelfstandiger oefenen met een drijfriem en een zwemplankje. Of je kind nu op zijn rug of op zijn buik probeert te drijven, herinner het er regelmatig aan om zich goed uit te strekken in de lengte. Dat helpt enorm.

number_3

STAP 3: ZONDER ANGST KOPJE ONDER GAAN

Voor veel kinderen is het eenvoudiger om volledig onder water hun eerste zwembewegingen te maken, en moeilijker met hun hoofd boven water. Niets abnormaals. Stap twee en drie kunnen gerust gecombineerd worden.

Sowieso zijn de eerste keren kopje onder voor de meeste kinderen spannend. Eén keer per ongeluk een slok water binnenkrijgen, kan de pret al bederven. Om plezier niet in angst te laten omslaan, is ontspannen de aandacht afleiden essentieel. Als de angst toch opspeelt, grijp dan terug naar de ademspelletjes van stap één. Is je kind bang van de diepte van het water? Oefen dan in het ondiepe, waar het met zijn voeten meteen aan de grond kan.

Kleurrijke voorwerpen die zinken en waarnaar je kind kan ‘duiken’ kunnen het oefenen praktischer en leuker maken.

ZEKER NIET DOEN

Je kind dwingen.
Je kind straffen.
Vergelijken met andere kinderen.
Zelf zenuwachtig zijn of stressen.
Langs de kant aanwijzingen geven.

WEL DOEN

Luisteren naar je kind.
Je kind complimentjes geven.
Je kind aanmoedigen.
Geduldig, enthousiast en lief zijn.
Samen met je kind in het water oefenen.
Het spelenderwijs aanpakken.

vader en kinderen zwemmen
number_4

LESGEVEN IS EEN BEROEP, WEES NIET TE STRENG VOOR JEZELF

Voel je je niet echt geroepen om je kind de basis van het zwemmen bij te brengen? Niet erg. Je kan terecht bij het zwembad in je buurt voor professionele begeleiding. Georganiseerde watergewenningsessies voor baby’s en peuters lenen zich prima voor leuke momenten samen in het water.

Kinderen van drie tot zes jaar kunnen in de grotere zwemcomplexen op een leuke manier bijleren in een waterspeeltuin. Daarnaast zijn er aangename zwemlesjes op maat. Ook voor grotere kinderen.

Als je zelf aan de slag gaat met je dochtertje of zoontje, wees je er dan altijd van bewust dat zij of hij jouw gedrag imiteert. Dat is nu eenmaal eigen aan mensen, en bij kinderen zijn de spiegelneuronen heel actief. Als jouw voorbeeld en bewegingen
in het water niet oké zijn, is dat voor je kind verwarrend of zelfs beangstigend. En fout aangeleerd gedrag is helaas niet zo eenvoudig meer af te leren.

Twijfel je aan jezelf als zwemcoach? Laat het dan over aan een technisch onderlegde professional. Dat is geen schande, wel een wijze beslissing. En het geeft jou alle ruimte om gewoon te genieten van waterpret met je kind.

meisje aan het zwemmen
number_5

ADVIES VAN EEN PROFESSIONELE ZWEMCOACH

Kinderen zijn dol op verhalen. Bij het wennen aan het water en het leren zwemmen helpen verhaaltjes om beter te begrijpen en te onthouden hoe het lichaam werkt. Tijdens mijn lessen gebruik ik vaak deze twee verhaaltjes:

‘Het grote blad en de kleine kei’, om te leren drijven

Wie drijft er het makkelijkst? Het grote blad of de kleine kei? Het blad! Dat is groot en strekt zich helemaal uit over het water. De kleine kei zit helemaal opgerold in een bolletje en zinkt. Ook al zijn ze beide even zwaar.

‘Het minibootje’, om te leren zwemmen

Het minibootje heeft alleen maar twee roeispanen om mee te bewegen. Het gaat langzaam maar zeker vooruit, omdat het mooi recht op het water ligt. De grote motorboot lacht hem uit. Zo traag! Tot de grote motorboot op een dag overmoedig wordt. Hij gaat superhard, om het minibootje nog sneller af te zijn. En dan plots … geen benzine meer! De grote motorboot valt stil. En het minibootje vaart rustig verder. Dus: met kalm bewegen en rustig ademen kom je verder in het water.

NAAR BOVEN