SPELLETJES VOOR EEN SPEELPLAATS BIJ JE THUIS

Nadat je wekenlang thuis les hebt gegeven aan je kinderen is het nu tijd om de leukste plek van de school in huis te halen: de speelplaats!

Heb je de laatste weken er alles aan gedaan om de regel van drie aan je kinderen uit te leggen? Dan klinkt de bel je als muziek in de oren! Het is tijd voor de speeltijd :) In dit artikel vertellen we je welke spelletjes kinderen momenteel erg missen. En we hebben er enkele spelletjes uit onze kindertijd aan toegevoegd.

We laten je zien hoe je van je woonkamer of tuin de leukste speelplaats kunt maken!

1. HINKELEN, EEN ONDERSCHATTE KLASSIEKER

Binnen/buiten

Toegegeven, hinkelen is voor ons een beetje jeugdsentiment. Van de aarde naar de hemel in tien vakken ... We wanen ons even terug kind en vergeten al onze zorgen. Maar wees gerust, ook vandaag vinden kinderen dit een bijzonder leuk spel. Augustin, 8 jaar, legt ons de regels even uit: “Als je één vak ziet, ga je er met je voet op staan en als je twee vakken ziet, ga je er met twee voeten op staan. Je kunt zelfs allerlei trucjes doen.” Eenvoudig en succes verzekerd! Hieronder vind je onze variant van dit spel. Het voordeel is dat je je eigen hinkelbaan kunt maken op de vloer van je salon of met krijt in je tuin. Binnen gebruik je best verwijderbare plakband of afplaktape (die je gebruikt om tijdens het verven de hoeken af te dekken). Klaar, hinkelen maar!

Het spel: Teken op de grond eerst het vakje "Aarde". Dat is het vakje waarop de speler zijn steen moet gooien. Vervolgens teken je vanuit de Aarde drie even grote vakjes achter elkaar. Nummer de vakjes. Maak vakje vier en vijf naast elkaar. Teken vakje zes er vlak boven en maak vervolgens vakje zeven en acht naast elkaar. Teken tot slot het negende vakje, het vakje dat verwijst naar de "Hemel". De eerste speler gooit zijn steen naar vakje 1. Als de steen in vakje één valt, moet de speler op dat vakje en vervolgens op de volgende vakjes springen tot aan vakje zeven en acht. Hierna moet de speler in omgekeerde richting hetzelfde doen. Als hij bij vakje twee komt, moet hij voorover buigen (zonder te vallen) om de steen op te rapen. Vervolgens moet hij in het vakje Aarde springen. De speler begint opnieuw tot hij uiteindelijk in het vakje Hemel komt. Als de steen niet in het gewenste vakje valt, verliest de speler zijn beurt. Er wordt beurtelings gespeeld.  

sport-speelplaats

2. TOUWTJESPRINGEN

Binnen/buiten

Albane vertelde ons dat touwtjespringen met haar vriendinnetjes een van haar favoriete spelletjes is: “Wie het vaakst kan springen, heeft gewonnen. “We hadden ons al voorbereid op een afmattend wedstrijdje springen en dachten dat we een nieuwe mat mochten gaan bestellen. Toch zijn er enkele heel eenvoudige regels om van touwtjespringen een leuke activiteit te maken, zonder dat je nadien je woonkamer moet renoveren. Zorg eerst en vooral voor voldoende ruimte of spring in je tuin (als je er één hebt). Zorg ervoor dat het touw de juiste lengte heeft. Dat kun je nakijken door met je voet op het midden van het touw te gaan staan. De handgrepen moeten dan ter hoogte van je oksels komen. Als je koord te lang is, kun je het bijstellen en het overtollige koord afknippen, als dat kan, of kun je gewoon aan elke kant enkele knopen maken.

HET SPEL:  De klassieke variant: kies wat jij het leukste vindt! Je kunt springen in galop, met de handen gekruist of met de voeten tegen elkaar. Je wendbaarheid bepaalt het resultaat!  Slingeren: Deze variant speel je met drie spelers. Twee spelers houden de uiteinden van het touw vast en draaien ermee terwijl de derde speler springt. Om het extra uitdagend te maken, kan het touw van boven naar beneden worden geslingerd!

touw

3. VERSTOPPERTJE

Binnen/buiten

Uren plezier voor je kinderen, uren rust voor jou. Een win-winsituatie!

Het spel 'koning der stilte' heb je tevergeefs al geprobeerd. Je kinderen bruisen nog steeds van energie en je weet even niet wat je nu nog kan proberen. 

Wel, we gaan gewoon een stapje verder. In dit spel horen én zien je kinderen niets! Probeer wel een oogje in het zeil te houden om te zien of alles veilig verloopt. Bepaal eerst waar de kinderen zich mogen verstoppen en hoeveel tijd ze hiervoor krijgen.  
  HET SPEL: De zoeker staat tegen een muur (of tegen een boom). Hij doet zijn ogen dicht en begint hardop te tellen. Ondertussen moeten de andere spelers zich verstoppen en mogen ze nadien niet meer bewegen. Na het aftellen, roept de zoeker dat hij de andere spelers komt zoeken. De speler die het laatst gevonden wordt, mag tijdens de volgende beurt zoeken. Iets meer uitdaging nodig? Geen probleem! Laat de zoeker de spelers niet alleen zoeken maar ook aanraken. Een gevonden speler kan zijn hachje redden door te rennen naar de plek waar de zoeker geteld heeft. De zoeker mag hem wel niet te pakken krijgen! 'Sardientje' is ook een leuke variant. Een speler, het sardientje, verstopt zich terwijl iedereen naar hem op zoek gaat.

verstoppertje

4. 1-2-3 PIANO!

Binnen/buiten

Snelheid, geduld, evenwicht, ... '1-2-3 piano!' is hét spel voor jonge ninja's! Ik kan me alvast nog heel goed herinneren hoe het er vroeger soms op het randje aan toeging, met de 'pianist' die ons met allerlei gekke bekken aan het lachen probeerde te brengen of ons zelfs om de tuin leidde door zich om te draaien voordat hij echt begon te tellen. '1-2-3 piano!' zag er onschuldig uit maar het was ook een tactisch en mentaal spel.  

HET SPEL: De regels zijn eenvoudig maar het spel is niet zo simpel. Een persoon telt, terwijl de andere spelers zich enkele meters verder achter een lijn opstellen. De teller staat meestal tegen een muur. Hij staat met zijn rug naar de andere spelers en telt '1-2-3 piano!'. Het aftellen moet duidelijk en goed te horen zijn (anders speelt de teller vals). Tijdens het tellen, proberen de andere spelers zo ver mogelijk naar voren te geraken. Na het woord 'piano' draait de teller zich om en moeten alle spelers stokstijf blijven staan, ongeacht waar ze zich op dat moment bevinden. Bewegende spelers worden door de teller uitgeschakeld en moeten opnieuw achter de startlijn beginnen. De eerste speler die bij tot de teller (de muur) geraakt, is de winnaar. Een speler wint het spel door de schouder van de teller aan te raken.

piano

5. FRISBEE

Buiten

Bijna iedereen heeft nog wel ergens een frisbee liggen (anders is een plastic bordje een perfect alternatief). Een frisbee bezorgt onze leuke herinneringen aan die zomers toen we eindeloze wedstrijdjes in het park of op het strand speelden. En als je je woning niet uit mag, is je tuin ook een leuk speelterrein. Binnen frisbeeën lijkt ons wel geen goed idee. Ook al doe je je uiterste best om op te letten, er zullen ongetwijfeld enkele decoratievoorwerpen of lampen sneuvelen. Of zorg ervoor dat je alles aan de kant schuift maar zelfs dan is het op eigen risico ... Alleen spelen kan maar frisbeeën is zoveel leuker met meerdere spelers. En als je een hond hebt, zal hij maar al te graag willen meedoen! Katten vinden een frisbee dan weer minder leuk ... Ze stuiven je huis uit, zoeken beschutting in een andere kamer en werpen je een donderblik toe ... 

HET SPEL: Met een frisbee kan je alle kanten uit! We tonen je hier alvast twee spelvormen:

Accuracy: In deze spelvorm is het de bedoeling dat de speler de frisbee naar een bepaald doel gooit. Het voordeel: je kind kan uren alleen spelen en het spel moeilijker maken door steeds verder van het doel te gaan staan of steeds een kleiner doel te kiezen. Andere personen als doelwit is geen goed idee. Vergeet niet dat kinderen soms de neiging hebben om voorwerpen ter hoogte van hun ogen en dus van je bekken te gooien. Verdere uitleg lijkt ons overbodig.

Ultimate frisbee (vereenvoudigd): Vorm een team en baken een terrein met een eindzone aan elke kant af. Voor elk team is er één eindzone. Het is de bedoeling dat je de frisbee naar elkaar speelt totdat een speler van je team de frisbee in de eindzone van het andere team vangt. De speler die de frisbee in handen heeft, mag niet bewegen en mag hem maximaal vijf seconden vasthouden.

frisbee

6. DANSEN 

Binnen/buiten

Na de 'street dance battle', nu de 'house dance battle'?   Vooral jonge kinderen hebben de danskriebels soms flink te pakken. Het is nu dan ook het perfecte moment om hen enkele moves aan te leren en een kleine dance battle in je salon te organiseren. Bovendien zijn er op het internet heel wat filmpjes en dansuitdagingen tussen ouders en kinderen te vinden. Aan inspiratie geen gebrek!  

HET SPEL: Je kinderen kunnen hun creativiteit de vrije loop laten maar er zijn wel enkele regeltjes!  - Maak twee teams (de zogenaamde 'crews' in het streetdancejargon, zo spijker je meteen ook je kennis van het Engels wat bij!). - Teken een cirkel op de vloer. Die cirkel is jullie eigen podium. Wie uit de cirkel stapt, mag niet meer meedoen. - Kies voor muziek waarop twee deelnemers hun gevoel voor ritme kunnen laten zien. Elkaar duwen of uit evenwicht brengen, is ten strengste verboden! Het is immers geen contactsport ;) - Kies de winnaar of winnares op basis van vooraf bepaalde criteria zoals gevoel voor ritme, originaliteit, nauwkeurigheid, enthousiasme, enz. Je kunt ook volledig subjectief te werk gaan maar de kans dat er dan een koude oorlog uitbreekt of tweespalt in je gezin wordt gezaaid, is best wel groot. Maak de inzet in het begin niet te groot zodat iedereen wat in de juiste stemming geraakt.

dansen

7. TIKKERTJE

Binnen/buiten, minstens 3 tot 4 spelers

“Tikkertje spelen en mijn vriendinnetje beschermen want er is iemand die haar voortdurend lastigvalt.” Word zoals Augustin een ridder van de moderne tijd en verdedig je geliefde! Tikkertje wordt overal ter wereld in tal van varianten gespeeld. We noemen het tikkertje of krijgertje, terwijl er in het Frans een hele beestenboel aan te pas komt (le loup, le chat, l'ours). Het maakt niet veel uit want het spel is leuker dan de naam! Het is de bedoeling dat de tikker de andere spelers probeert aan te tikken. Als hij daarin slaagt, wordt de aangeraakte persoon de tikker. Maar je kunt ook enkele regels toevoegen: 

- Tikkertje-hoog: als je op een verhoging gaat staan, kun je nooit getikt worden. 

- Tikkertje-kleur: kies een kleur en zodra een speler die kleur aanraakt, kan hij niet getikt worden! (een interessante variant als je niet wilt dat je kinderen op je nieuwe salontafeltje gaan kruipen) 

- Tikkertje-standbeeld: als een speler getikt wordt, blijft hij stilstaan totdat iemand hem komt bevrijden.

- Tikkertje onder de benen: hetzelfde principe maar de getikte speler moet recht blijven staan met de benen wijd open en wachten tot iemand onder zijn benen doorkruipt om bevrijd te worden!

8. BOKSPRINGEN

Binnen/buiten (minstens twee spelers)

Een spel waar iedereen laaiend enthousiast over zal zijn. We raden je wel aan om meubels, matten en andere voorwerpen aan de kant te schuiven zodat niets je bokjes in de weg staat. Moeilijk is het niet: de eerste spelers stellen zich in een lijn op, met het gezicht naar voren, en de laatste spelers gebruiken hun handen om over hen te springen. Het is misschien wel niet de meest boeiende activiteit om naar te kijken.

bok

9. STOELENDANS

Binnen/buiten (minstens twee of drie spelers)

Jij geniet van je favoriete muzieknummers en je kinderen beleven dolle pret. Wat wil je nog meer? Voor dit spel heb je een luidspreker (of je telefoon), een open ruimte of een tuin en stoelen nodig. Met meer dan drie spelers is het spel uiteraard leuker maar we verplichten je niet om je buren uit te nodigen.
HET SPEL: Als de muziek wordt gestart, beginnen de spelers rond de stoelen te stappen. Als de muziek stopt, moet elke speler een lege stoel proberen te vinden. De speler die geen lege stoel vindt, is uitgeschakeld. Na elke beurt wordt er een stoel weggenomen.

stoel

10. KNIKKEREN, EEN PRECISIESPORT

Binnen/buiten

Niet elk kind is verzot op lopen, springen of hoelahoepen. Voor kinderen met een fingerspitzengefühl en een gevoel voor precisie halen we onze zakjes met knikkers uit de kast!   Drie spelletjes die bij ons herinneringen oproepen:

- Aantikken: al ooit eens petanque gespeeld? Deze spelvorm lijkt er een beetje op. Leg de knikker van een van de spelers op drie meter. De andere spelers moeten de knikker proberen te raken. De eerste speler die hierin slaagt, wint de knikker. 

- Het knikkerputje: zoek een putje en ga op drie meter afstand staan. Elk kind speelt zijn knikker en gaat verder op de plek waar zijn knikker is blijven liggen. Een knikker brengt tien punten op en het is de bedoeling om 110 punten te scoren. Zoals je ziet, komt er ook nog wat rekenwerk bij te pas! 

- De knikkerbaan: heeft je kind aan inspiratie geen gebrek? Laat hem dan zelf een uitdagende knikkerbaan maken met kuiltjes, heuvels en afdalingen. De eerste speler die vanaf het startpunt het eindpunt haalt, is de winnaar!

knikkeren

BONUS: DE VLOER IS LAVA!

Binnen

'De vloer is lava!' is een spel dat vooral erg bekend is in de Verenigde Staten. Het is een geniaal spel voor alle acrobaten en klimmers in huis. Het principe is simpel: iedereen begint met zijn voeten van de grond en mag de grond niet meer aanraken. Je kunt je kleine bengels nu bijvoorbeeld vragen om je een boek of een trui te brengen. Speel het spel niet met breekbare of mogelijk gevaarlijke voorwerpen, zoals balpennen of spiesjes van de barbecue tijdens de lunch. Maak het je kinderen ook niet te moeilijk. Het is niet de bedoeling dat ze de boekenkast van de muur halen of het servies van je grootmoeder in duizend stukken laten vallen.
  Een voorbeeld: "De vloer is lava!' Gaëtan, breng je me even mijn sjaal”. Gaëtan zit comfortabel in de zetel maar mag nu de vloer niet meer aanraken. Hij klautert langs meubels (die stevig en stabiel staan) en fauteuils. Hij gebruikt kussens om zich een weg te banen tot aan de kapstok (slim gezien!) en mama heeft haar sjaal! Goed gedaan Gaëtan!

lava
handtekening

Agathe, Stéphane, Simon, Marie, Pauline, gepassioneerde sporters die nog een beetje kind zijn.
NAAR BOVEN